Auteur: Suzana Djodjo

‘Waarom deed je dat?’ vraag ik verbaasd aan de meeuw die een laken uit mijn tuin griste en het aan de lantaarnpaal ophing.

‘Stomme vraag,’ zegt de meeuw, en spreidt zijn vleugels, een beetje dreigend.

‘Er zijn geen stomme vragen,’ zeg ik. ‘Je bent een vogel en hoort op zee. Wat doe je sowieso elke ochtend op een grasveld in een Limburgs dorp?’

‘Vraag je dat uit oprechte interesse? Or zit er een oordeel in verscholen?’ De meeuw zit op de rechterpaal van de waslijn in mijn achtertuin, wat zijn favoriete plek lijkt te zijn geworden, en kijkt me aan met smalle oogjes. ‘Ik denk namelijk dat je het niet oké vindt dat ik hier ben, kan dat kloppen?’

‘Je stelt goeie vragen. Ja, dat kan kloppen. Op zich prima als je op dat veldje elke ochtend komt paraderen, dat is publieke ruimte en daar heb ik niks over te zeggen. Maar dit is mijn tuin en ik zou graag mijn was hier willen kunnen ophangen zonder dat erop gepoept wordt.’

‘Goed punt. Ik hoef je waslijn inderdaad niet als WC te gebruiken.’

‘Fijn. Je bent toch een verstandige vogel.’

‘Maar vind je het niet mooi, als we met z’n allen ’s ochtends op dat groene gras landen, dat matcht toch zo fijn met onze wit-grijze kleur?’ De meeuw schudt even met zijn kop en opent zijn ogen wat wijder. Blijkbaar is de esthetiek een belangrijke overweging in zijn doen en laten.

‘Tjah, ik heb het nooit zo bekeken. Zal morgen op de kleurencombinatie letten.’

Ik bespeur wat minachting in zijn slap hangende vleugels. ‘Ze heeft het nooit zo bekeken,’ zegt de meeuw spottend, zogenaamd tegen zichzelf.

‘Maar mijn vraag was,’ zeg ik streng, ‘waarom pikte je mijn laken en hing het aan die lantaarnpaal op? We hebben een buurtactie op moeten zetten om het eraf te krijgen. En het is ontzettend vies geworden.’

‘Het was inderdaad beter geweest als je het daar liet hangen,’ zegt de meeuw en strekt zijn nek uit zodat hij me van een nog grotere hoogte kan aanschouwen.

‘Je vermijdt de vraag.’

‘Stomme vragen bestaan wel. Die beginnen vaak met ‘waarom’,’ zegt de meeuw. Hij neemt een grote hap lucht, maakt wat lawaai met zijn klepperende vleugels, en stijgt op. Uit zijn snavel hangt een witte onderbroek.

1 gedachte over “De meeuw”

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven