Merel de bovenbuurvrouw

Auteur: Suzana Djodjo

Merel, de bovenbuurvrouw met wie ik vaker koffie drink, belde aan; twee bakjes ijs in de hand. “Hoi, wat een hitte, niet normaal. Hoe is het bij jou? Ijsje? Ben je druk? Zullen we even op jouw balkon? Het is bij mij niet uit te houden.”
Ze was al binnen, bezig met de balkondeur. Op zich prima, mijn zoon was spelen bij een vriendje en ik had geen plannen.

“Oke, zal ik lepeltjes pakken?”

“Ja, die ben ik vergeten, graag!” Ze koos de plek in de diepste schaduw en zei “Mmm wat is dit lekker, ik had zo’n zin. Jij ook?”

“Nou..”

“Om gek van te worden, heb het vanochtend echt gehad op mijn werk, de ene wil het raam open, van een andere mag het niet, krijg je dat gedoe, en het is al zo’n gekkenhuis. Een grote nieuwe klant binnen!”
Ze klopte zichzelf op de borst. “Veel te grote klant, dat kunnen we helemaal niet aan.. maar goed, hoe gaat het met jou?”

“Wil je even opschuiven, dan kan ik ook in de schaduw… Ah, fijn, thanks.”
Ik ging naast haar zitten en nam een hap. Citroen en framboos, lekker.

“Echt tof dat we naar dat park gaan, zo’n zin in het weekend! Zwembad vooral! Wordt leuk. Ga jij..”

“Wacht, wacht even Merel.” Ik ademde een keer diep in en uit. “Als je nu even stil blijft…”

“Oh ja, ja, natuurlijk, je kent mij, altijd veel te veel woorden. Kom, vertel, hoe gaat het met jou?”

“Nou, kijk, het gaat slecht. Ik voel me ellendig de hele tijd. Moe, uitzichtloos, in een val gevangen.”

Merel stopte met ijs oplepelen. “Oke”, zei ze. “Ga verder.”

“Je weet dat het niet zo goed gaat tussen mij en Gijs. Dat is heel mild uitgedrukt. Ik kan het niet meer aan, ben murw geslagen, heb nergens zin in, en alles wat ik zou willen doen is ‘help mij’ roepen. Snap je? Maar dat kan niet. Ik wil weg en weet niet hoe, heb geen energie om op te staan, laat staan weggaan. Dus dank voor je ijsje en je bezoekje, heel aardig. Zo voel ik me even normaal. Maar als je hier niks mee kan, vraag me dan voorlopig niet hoe het gaat, en even goede vrienden.”

“Jeetje, wat naar! Ik wist niet dat het zo erg was. Natuurlijk wil ik weten hoe het met je gaat! Hoe kan ik je helpen? Behalve met een ijsje? Ik doe het graag.”

Ik stond op en ijsbeerde even. Merel zweeg. Buiten op het grasveldje, onder de grote plataan, zat een vrouw uit de buurt die ik vaag kende naast een oude man, en snikte. Hij aaide haar op haar hoofd met langzame, lichte stroken. “Kijk daar”, zei ik. “Ik zou nu die vrouw willen zijn.”
Merel omhelsde me stevig. “Je bent deze vrouw, en deze vrouw is prachtig. Ik ben er voor je, echt. Maar help me herinneren dat ik af en toe mijn mond moet houden..”      

1 gedachte over “Merel de bovenbuurvrouw”

Reacties zijn gesloten.

Scroll naar boven